Zoeken
  • novatore

Prestatiedruk, hoe ga je daar als topsporter mee om?

We rennen en vliegen van hot naar her, hebben tien ballen te veel om hoog te houden en stuiteren wat in het rond. Kortom: we hebben het druk. Maar dat is niet waar ik nu op doel, ik wil het hebben over prestatiedruk, en wat dat doet met een topsporter. Kort iets over mijzelf voor de mensen die nu intunen en denken: “Wie is zij?” Ik ben Femke Pluim, Nederlands recordhoudster polsstokhoogspringen. Ik ben samen met Novatore op weg naar de Olympische Spelen van Parijs in 2024.

Verschillen én overeenkomsten met bedrijfsleven Topsport voelde voor mij voorheen vaak als een totaal andere wereld dan het bedrijfsleven. Het is ook een andere wereld, maar naast verschillen heeft het vooral veel overeenkomsten. Ook als het gaat om prestatiedruk.

Na de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro besloot ik het roer om te gooien en te gaan trainen op Papendal, het nationale trainingscentrum van ons land. Vóór die tijd trainde ik bij een ‘normale’ atletiekclub, AAV36 in Alphen aan den Rijn. Hier was een enorme zekerheid en geborgenheid, mensen vonden het fantastisch dat ik medailles behaalde en er was altijd een warm gevoel van trots.

Waarom ruilde ik dat in voor Papendal? Er waren (en zijn) veel voordelen voor mij aan de overstap richting Papendal, want dat is wel de plek waar ik een trainer vond die mij naar een volgend level kon brengen. Een plek waar ik een volgende stap kon zetten, waar kansen lagen, maar ook een plek van een heel nieuwe hiërarchie. Opeens voelde ik het namelijk... externe prestatiedruk.

“Ben ik wel goed genoeg?” Natuurlijk wil je als sporter vanuit intrinsieke motivatie de lat alsmaar hoger blijven leggen, maar opeens was er ook iets externs wat ik voelde. “Ben ik wel goed genoeg?” “Doe ik het wel goed genoeg?” “Wat vinden anderen van mij?” “Moet ik me professioneler gedragen?” Verwachtingen waren opeens enorm aanwezig in mijn sportersbestaan. En, ik moet zeggen dat ik met deze vragen, en die externe prestatiedruk, best een tijd heb gestoeid. Soms ben je nou eenmaal onderdeel van een systeem waarin verwachtingen en (ver)oordelen erbij horen. Ik kan er hoog of laag om springen, het is iets wat buiten mijn macht ligt. En het was iets wat ik moest leren loslaten.


Harde eisen

Kort uitgelegd is dit is hoe ‘hard’ de regels zijn waardoor die externe prestatiedruk (deels) ontstaat: Aan het begin van elk seizoen worden er eisen gesteld (door de staf), waar ik aan moet voldoen om mijn plek in het programma te mogen behouden. Aan het eind van het seizoen heb je dit gehaald of niet (wat voelt als falen). In dat laatste geval sta je niet gelijk met je tassen voor een gesloten deur, want gelukkig is er ook nog oog voor een persoonlijke situatie, maar wordt wel je plek op Papendal besproken.

Het feit dat er eisen worden gesteld, is uiteraard meer dan logisch, want: geld, oog op nieuw talent, doorstroommogelijkheden et cetera (dat is bij jullie in het bedrijfsleven niet anders hoop ik, anders verliezen we totaal richting en visie). Maar persoonlijk voelde het als druk, want als ik dat dus niet haal ben ik niet goed genoeg. Niet goed genoeg? Vinden al deze mensen mij niet goed genoeg? HELP!

Eureka-blessuretijd Ik raakte een aantal jaar geleden geblesseerd, moest geopereerd worden en stond daardoor voor een lange tijd langs de zijlijn. Hoe rot ik de hele situatie ook vond, bracht die tijd me ook enorm veel. Want ik wilde niet bezig zijn met de verwachting van anderen. Ik wil bezig zijn met het beoefenen van deze geweldige sport. Ik wil de kansen pakken die er zijn.

Ik wil me bezighouden met de dingen die binnen mijn macht liggen, want daardoor creëer je de meeste kansen voor jezelf. Het was een eureka-blessuretijd, waar ik tot op de dag van vandaag dankbaar voor ben. Misschien had ik destijds m’n cursus stoïcijns denken moeten doen, want ik denk dat ik met vlag en wimpel zou zijn geslaagd.

Elke dag mijn stinkende best Als jij elke dag je best doet, je voor 100 procent inzet, verschillende perspectieven kan innemen om situaties te bekijken, bekritiseren en veranderen… Als jij doet wat binnen je macht ligt om situaties te verbeteren, dan ben je nooit niet goed genoeg. Met deze gedachte leerde ik de portie externe druk naast me neer te leggen. Het voelt machteloos om daarmee bezig te zijn. En het goede nieuws is: waarschijnlijk zijn de mensen die hierover gaan er ook geen enkele seconde mee bezig, dus waarom ik dan wel?

Ik train elke dag omdat ik een doel heb. Ik doe elke dag mijn stinkende best omdat ik intern gemotiveerd ben. Ik doe dit omdat ik goed genoeg ben.


In de komende periode ga ik hopelijk weer met sprongen vooruit, en maak ik mijn eerste wedstrijdsprong na wederom een operatie. Ik krijg nu al een kriebelbuik van de zenuwen, maar vooral van enthousiasme als ik bedenk dat ik… bijna… weer… on stage mag!

Volgende keer meer daarover.

en worden gesteld is uiteraard meer dan logisch, want; geld, oog op nieuw talent, doorstroom, mogelijkheden etc (dat is bij jullie niet anders hoop ik, anders verliezen we totaal richting en visie). Maar persoonlijk voelde het als druk, want als ik dat dus niet haal ben ik niet goed genoeg. Niet goed genoeg? Vinden al deze mensen mij niet goed genoeg? HELP. Ik raakte een aantal jaar geleden geblesseerd, moest geopereerd worden en stond daardoor voor een lange tijd langs de zijlijn. Hoe rot ik de hele situatie ook vond, bracht die tijd me ook enorm veel. Want ik wilde niet bezig zijn met de verwachting van anderen. Ik wil bezig zijn met het beoefenen van deze geweldige sport. Ik wil de kansen pakken die er zijn. Ik wil me bezighouden met de dingen die binnen mijn macht liggen, want daardoor creëer je de meeste kansen voor jezelf. Het was een eureka blessuretijd, waar ik tot op de dag van vandaag dankbaar voor ben. Misschien had ik destijds m’n cursus stoïcijns denken moeten doen, want ik denk dat ik met vlag en wimpel was geslaagd. Als jij elke dag je best doet, je voor 100 procent inzet, verschillende perspectieven kan innemen om situaties te bekijken, bekritiseren en veranderen, als jij doet wat binnen je macht ligt om situaties te verbeteren, dan ben je nooit niet goed genoeg. Met deze gedachte leerde ik het stukje externe druk naast me neer te leggen. Het voelt machteloos om daar mee bezig te zijn (en het goede nieuws is, waarschijnlijk zijn de mensen die hierover gaan er ook geen enkele seconde mee bezig, dus waarom ik dan wel?). Ik train elke dag omdat ik een doel heb, ik doe elke dag mijn stinkende best omdat ik intern gemotiveerd ben, ik doe dit omdat ik goed genoeg ben.


Komende periode ga ik hopelijk weer met sprongen vooruit, en maak ik mijn eerste wedstrijdsprong na wederom een operatie. Ik krijg nu al een kriebelbuik van zenuwen maar vooral van enthousiasme als ik bedenk dat ik… bijna… weer… on stage mag! Volgende keer meer daarover.




23 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven